Ontdek alle verhalen van toen en nu

Schoonheid ontstaan uit eeuwenlang keihard werken

Leestijd 5 minuten

Het dagelijkse leven in Giethoorn lijkt soms op een openlucht vergadering van de Verenigde Naties. Toeristen uit alle hoeken van de wereld komen naar het karakteristieke dorpje in Overijssel. Ook de andere waterdorpen in Weerribben-Wieden trekken veel bezoekers. Die vallen voor het schilderachtige decor en de adembenemende natuur. Dat landschap is het resultaat van eeuwenlang loodzware arbeid. Hoe dat zit, lees je in dit artikel.

Terug in de tijd, maar helemaal van nu

Veruit het bekendste waterdorp van Overijssel is Giethoorn. Dat spreekt tot de verbeelding van mensen in binnen- en buitenland. Ook de oorsprong van het dorp heeft een internationaal tintje. Volgens de verhalen is Giethoorn gesticht door Flagellanten. Deze vluchtelingen uit het gebied rond de Middellandse Zee streken rond 1230 neer in dit deel van Overijssel. Ze zouden daar hoorns van wilde geiten hebben gevonden. De naam ‘Geytenhorn’ lag dus voor de hand. Later is die benaming verbasterd tot Giethoorn. Lees hier meer over gekke plaatsnamen in Weerribben-Wieden!

Turfstekers

Een bezoek aan Giethoorn is niet compleet zonder een vaartocht. Op warme dagen kiezen veel mensen voor de verkoeling van de grachten, de vaarten of de grote meren. Bijna alle wateren in Weerribben-Wieden danken hun bestaan aan de periode van de turfstekers. Zij veranderden het landschap in deze regio ingrijpend. Turf was tijdens de Gouden Eeuw al de motor van de economie. Nederland draaide op de brandstof die onder meer uit deze regio van Overijssel kwam. En dus groeven de turfstekers het veen met man en macht af.

Meer te weten komen over het turf? Maak de Weerribben Turf wandeling!

Verhuizende dorpen

Dat deden ze vanuit kleine nederzettingen die langzaam uitgroeiden tot waterdorpen zoals Giethoorn, Belt-Schutsloot, Dwarsgracht en Kalenberg. De turfgravers haalden het veen uit de bodem en gooiden dit op het land om het te laten drogen. Zo ontstond het patroon van petgaten en legakkers, of weren en ribben. Als een gebied was uitgeveend, trokken de turfstekers verder. Sommige dorpen verhuisden dan mee.

Punten en bokken

Voor het vervoer van de turf waren veel vaarten en sloten nodig. In de waterdorpen staan de huizen en boerderijtjes daarom vaak op een eilandje. Die zijn alleen te bereiken via bruggetjes. Nog steeds is Giethoorn het decor van punters en bokken. Dat zijn platbodems die makkelijk onder de lage bruggetjes door kunnen. Vroeger vormden ze het belangrijkste vervoersmiddel in de waterdorpen. Nog steeds komen ze van pas bij het vervoer over het water. Tegenwoordig hebben ze gezelschap van fluisterbootjes, SUP-boarden en andere watersportmiddelen.

Van de kaart geveegd

Vanwege het grote belang van turf schoten de veenafgravingen op een gegeven moment door. Het land werd daarmee een makkelijke prooi voor het water. Stormvloeden in 1775, 1776 en 1825 brachten veel ellende mee. Grote stukken land verdwenen onder het water.

omschrijving
omschrijving
Ook het dorpje Beulake werd van de kaart geveegd. Op die plek ontstond het grote meer de Beulakerwijde, dat nu een paradijs is voor watersporters. De rampspoed leverde meer grote waterplassen op. Het Gieterse Meer, dat dichterbij Blokzijl dan Giethoorn ligt, is dan weer wel een ‘natuurlijk meer’. Lees meer over het verdronken dorp Beulake

Vaarboeren

Lang was de omgeving van Giethoorn ook het domein van vaarboeren. Die brachten hun vee per boot naar de weilanden rondom de waterdorpen. De typische woningen met de kameeldaken verwijzen naar de boeren die vroeger werkten op de hooilanden. Ze sloegen het hooi bij de boerderij op en daarvoor waren de hoge daken nodig. Dwarsgracht bezat een zekere reputatie. Hooi uit dit kleine waterdorpje was geliefd bij paardenliefhebbers in wereldsteden als Berlijn en Londen. Het zou hun dieren niet vet maken. Een vliegwiel bij het dorpshuis van Dwarsgracht herinnert aan deze historie.

De toeristen komen

In de loop van de vorige eeuw ontdekten toeristen de charme van Giethoorn en de andere waterdorpen. Hollandse schilders raakten geïnspireerd door het landschap en het karakter van de streep. Filmregisseur Bert Haanstra vergrootte de populariteit van Giethoorn verder. Zijn filmdebuut Fanfare, over twee rivaliserende muziekkorpsen, groeide uit tot een kaskraker. Meer dan 2,5 miljoen mensen zagen daardoor de schoonheid van Giethoorn.

China

In de jaren zeventig volgden toeristen uit het buitenland. Veel Duitsers en Belgen wilden ‘Hollands Venetië’ met eigen ogen zien en kregen daarna gezelschap van alle denkbare nationaliteiten. Deze eeuw ontdekten onder meer inwoners van China, India en het Midden-Oosten de grachten en bruggetjes van Giethoorn. Zij slenteren langs de pittoreske huizen, genieten van de gezellige terrasjes of stappen in een rondvaartboot of besturen zelfs een fluisterboot.

Fietsen en wandelen

Anderen kiezen voor de rustgevende omgeving. Ze trekken de wandelschoenen aan of stappen op een (elektrische) fiets. Vanuit Giethoorn zijn ze snel in de waterdorpen van de Wieden (Belt-Schutsloot, Dwarsgracht, Jonen, Wanneperveen) of de Weerribben (Kalenberg, Wetering, Muggenbeet). Ze kunnen zich vermoedelijk moeilijk voorstellen dat het adembenemende natuurschoon het werk is van eeuwenlang keihard werken.

Wat vind je van de informatie op deze pagina?

  1. Ontdek alle verhalen van toen en nu

    Sfeervolle Zuiderzeestadjes op de grens van het nieuwe land

  2. Ontdek alle verhalen van toen en nu

    De geschiedenis komt tot leven in het heden

  3. Ontdek alle verhalen van toen en nu

    Een landschap met steeds weer een ander gezicht

  4. Ontdek alle verhalen van toen en nu

    Terug in de tijd en toch helemaal van nu

Tip je vrienden

twitter facebook